Overslaan en naar de inhoud gaan
Direct afspraak maken?0900 600 7008

De vijf meest voorkomende misvattingen over mensen met een gehoorverlies

07/10/2016
Joris

Een misvatting is een visie of een mening die onjuist is, omdat deze gebaseerd is op feiten die niet kloppen. Slechthorendheid is een onzichtbare aandoening en dat maakt de verwarring vaak alleen maar groter. Het probleem met misvattingen is dat ze meestal alleen maar frustratie opleveren bij zowel de slechthorende als bij de mensen in zijn of haar omgeving.

Misvatting 1: Alleen oude mensen hebben een gehoorprobleem

Eén op de tien mensen in Nederland hebben een gehoorverlies. Slechts 30% daarvan is 65-plusser.

Misvatting 2: Harder praten helpt de slechthorende om je beter te kunnen verstaan

Harder praten helpt, maar daarnaast is duidelijkheid belangrijk. Bovendien helpt harder praten alleen maar tot een bepaald niveau. Daarna doet het alleen maar af aan de kwaliteit van het geluid. Om duidelijker geluid over te brengen, hebben sommige mensen met een gehoorverlies baat bij een zogenaamde congresmicrofoon, die direct het geluid van de spreker overbrengt naar beide hoortoestellen. Ook helpt het als de spreker in de buurt zit van de slechthorende luisteraar. Dit bevordert namelijk het liplezen. Dat helpt de slechthorende bij het verstaan. Het helpt overigens niet zo goed als een congresmicrofoon. Schreeuwen en overdreven articuleren helpt niets, omdat dit de natuurlijk beweging en vorm van de mond misvormt, waardoor liplezen juist moeilijker wordt. Iemand die kan horen kan niet bepalen wanneer een geluid voldoende van kwaliteit is voor iemand met een verminderd gehoor.

Misvatting 3: Als je maar aan één oor slechthorend bent, is er niks aan de hand

Voor goed horen heb je beide oren nodig. Als je het vermogen om te horen in één oor kwijt bent, dan heeft dat invloed op het horen in het algemeen. Vooral in rumoerige situaties. De meeste gehoorverliezen treffen beide oren. Dus hoewel het soms kan lijken alsof er maar één oor is aangedaan, is dat vaak niet zo. In werkelijkheid zijn dan beide oren aangedaan, alleen de één iets minder dan de ander, waardoor het minst slechte oor wordt ervaren als het goede oor. Een gehoorverlies waarbij het ene oor meer aangedaan is dan het andere noemen we asymmetrisch gehoorverlies.

Misvatting 4: Aan jouw gehoorprobleem is niets te doen

Vroeger werd er door de huisarts nog wel eens gezegd (bijvoorbeeld tegen je ouders):"Helaas, aan uw gehoorverlies is niets te doen." Dit gebeurde vooral bij mensen met een gehoorverlies aan één oor, mensen met een verlies in de hoge tonen en mensen met een zenuwbeschadiging. En dat klopte ook, jaren geleden, maar met de technologie van tegenwoordig kan bijna 95% van de mensen met een senorineuraal gehoorverlies geholpen worden door het dragen van hoortoestellen.

Misvatting 5: Het is niet erg om te wachten met hoortoestellen

Hoe langer je wacht, hoe moeilijker het is om je gehoorverlies te behandelen. Dat komt omdat het deel van je hersenen dat geluid verwerkt niet gestimuleerd wordt. En naarmate de tijd verstrijkt stopt dat deel van de hersenen met het herkennen van geluid. Gelukkig kunnen je hersenen wel opnieuw leren horen, maar dat kost natuurlijk meer moeite. Het is dus beter om zo vroeg mogelijk met hoortoestellen te beginnen, zodat er een vloeiendere overgang is van horen zonder hoortoestellen naar horen met hoortoestellen. Je hersenen blijven dan bezig en verleren niet geluiden te herkennen.

Het zou goed zijn je gehoor ieder jaar te laten testen, om vast te stellen dat je goed hoort of om te controleren of je gehoor achteruit is gegaan.

Deze pagina delen met anderen: